Mestvork of hooivork
Een hooivork heeft lange, slanke tanden die ver uit elkaar staan. Daarmee prik je in hooi en stro en til je een flinke pluk zonder dat die van de vork glijdt. Een mestvork heeft meer tanden die dichter bij elkaar staan. Natte mest en compost blijven daardoor beter op de vork liggen. Gebruik je een hooivork voor mest, dan valt de helft eraf. Gebruik je een mestvork voor hooi, dan til je zwaarder dan nodig.
Voor de composthoop werkt een mestvork het best. Bij het omzetten van grof tuinafval of maaisel kan een hooivork prettiger zijn.
Langetten of verende huls
De vorken verschillen in hoe kop en steel aan elkaar vastzitten. Bij de Mestvork met langetten en de Hooivork met langetten lopen stalen strips een eind langs de steel en zijn daar vastgezet. Dat geeft een stevige verbinding als je zware vrachten tilt of veel wrikt.
De Mestvork met verende huls en de Hooivork met verende huls hebben een huls die om de steel klemt. Zit de steel na verloop van tijd wat losser, dan kun je de schroeven in de huls natrekken. De gewone Hooivork heeft een steel van 130 cm, iets korter dan de andere vorken op deze pagina.
Balenvork en mesthaak
Met de Balenvork verplaats je balen hooi en stro. Je prikt hem in de baal en trekt of tilt hem waar je hem hebben wilt. De steel is 135 cm, het gewicht 1300 gram.
De Mesthaak heeft tanden die haaks op de steel staan. Je trekt er mest, stro of compost mee naar je toe, uit een box of van een hoop af. De versie met T-greep van 95 cm is handig in een kleine stal, de versie met steel van 135 cm geeft meer bereik.